Mijn roots

Mijn roots

Tijdens mijn trip naar Israël ontmoette ik een Amerikaans meisje met wie ik zo’n beetje de hele trip ben opgetrokken. Op één van de eerste dagen zijn we vanuit Tel Aviv (waar we verbleven) naar Jeruzalem gegaan. Daar hebben we een georganiseerde tour gemaakt door de oude stad. De eerste bezichtiging was de Heilige Grafkerk; een één of andere bedevaartsoord voor christenen die geloven dat Jezus op die plek is gestorven. We eindigden de rondleiding ergens op het dak van de kerk waar de Ethiopiërs een eigen ruimte hadden. We liepen dwars door hun dienst heen, wat ik raar vond maar niet raar genoeg om mij daar druk over te maken. Mijn Amerikaanse vriendin zag dat anders. Zij zag hier duidelijk een onderscheid tussen de witte en de zwarte mensen. “Waarom mochten de witte mensen in de grote kerk hun dienst houden en worden de zwarte mensen verbannen in een minikerkje op het dak?”, riep ze tijdens onze lunch. “Nou misschien was het destijds zo afgesproken, omdat de zwarte mensen een net wat andere religie aanhangen dan de witte?”, mompelde ik nog. Ze was niet overtuigd.
Naar aanleiding van de gebeurtenissen van vorige week in Amerika poste mijn Amerikaanse vriendin een verhaal op Facebook. Hierin werd gezegd dat witte Amerikanen een duidelijke roots hebben in Europa. Ze hebben bijvoorbeeld Poolse, Franse of Ierse voorouders. Zwarte Amerikanen kunnen, dankzij de slavernij, dit niet zeggen. Voor hen liggen hun roots in Afrika. Maar Afrika is geen land, maar een continent. Dus de vraag is, waar dan in Afrika? Hier moest ik over nadenken. Kennelijk vinden mensen het belangrijk dat ze zich kunnen identificeren met een land of bevolkingsgroep. Ik ging bij mezelf na of ik, als bruine Nederlander, dit ook had.

“Namaste! Jij komt uit India”, zei iemand tegen mij laatst. “Ik kom niet uit India”, zei ik terug. “Jawel”, zei hij. “Nee”, zei ik. “Ja, want je lijkt op iemand die ik ken uit India”, zei hij. “En toch heb ik geen Indiase roots”, antwoordde ik verveeld terug. “Weet je het zeker?”, vroeg hij. “Ik weet zelf toch ook wel waar ik vandaan kom”, antwoordde ik geïrriteerd en legde hem niet eens uit waar mijn echte roots lagen. Ik vind trouwens ook niet dat ik mensen dat hoef uit te leggen. Toch begrijp ik het wel dat mensen het interessant vinden als ik, met mijn niet Nederlandse hoofd, ergens binnen stap. “Oh ik ben zo jaloers op je huidskleur”, zeggen ze dan. En dat geloof ik niet, want dat zeggen ze alleen maar om te laten merken dat ze totaal oké zijn met je huidskleur of gewoon om maar wat te zeggen om het ijs te breken. Ik zie mijn eigen huidskleur niet en die van een ander ook niet. Het interesseert me ook niet. Ik ben meer geïnteresseerd in de acties van mensen (waarom doen ze wat ze doen?) dan hun etnische voorkomen. Alhoewel ik laatst een hele witte Zweed zag. Daar moest ik wel even aan wennen.

Mijn leraren vroeger dachten dat mijn eigenaardige gedrag voortkwam uit het feit dat ik bruin ben. “Gedraag jij je zo, omdat je een… Laat ik zeggen… Een andere huidskleur heb dan de andere kinderen?”, vroeg mijn mentor een keer. “Nee want die andere bruine kinderen in de klas doen toch wel normaal?”, antwoordde ik. Laten we het trouwens maar een andere keer hebben over dit pedagogisch onverantwoorde gesprek. Toch wist ik als kind ook niet erg goed waar ik thuis hoorde. Natuurlijk merkte ik van jongs af aan al dat ik ‘anders’ was en dat dit niet kwam door mijn donkere huidskleur. Nu zijn mijn roots ook te ingewikkeld om te zeggen dat ik daar een minderwaardigheidscomplex over had. Want met mijn Indisch Armeense, Indisch Joodse, Surinaamse en Nederlandse roots vind ik het lastig om mijn afkomst te bepalen. Of om mensen uit te leggen hoe het nou precies zit als ze vragen waar ik vandaan kom. Want dan komt altijd de prangende vraag: “En bij welke nationaliteit voel jij het meest thuis?”. Euhm nou… geen idee! Want wat vind ik nou eigenlijk van mijn roots? Nooit over nagedacht tot deze zomer.

Van mijn moeders kant heb ik Indisch Armeens Joodse roots. “Hoe kan dat dan?”, lachen mensen dom. “Nou euh, heb je Geschiedenis gehad?”, vraag ik dan. Vaak hebben ze dan niet opgelet. Dat komt dus dat Indonesië vroeger een kolonie van Nederland was en daar veel handel werd gedreven, ook door Armeniërs. Nou, mijn voorouders zijn dus blijven hangen daar. En omdat Indonesië een kolonie was van Nederland zijn mijn Joodse voorouders vanuit Nederland daarheen verhuisd. Van mijn vaders kant heb ik Surinaams (creools) en Nederlandse roots. “Hoe dan?”, vragen ze dan. “Nou euh, heb je Geschiedenis gehad?” Omdat Suriname ook een kolonie was van Nederland. Er was een Nederlander daar die een relatie begon met mijn Surinaamse oma. “Aah oke, en hoe hebben je ouders elkaar ontmoet dan?”, vragen ze dan. Gewoon in Nederland.

Ik denk wel eens na of ik mij thuis voel ergens. Zo dacht ik altijd mezelf compleet Indisch te voelen, maar als ik rondstruin op de Pasar Malam voel ik me niet thuis. In Indonesië ook niet. Ik herken me te weinig in de mensen, ondanks dat ik ben opgegroeid met de cultuur. Met de Surinaamse cultuur heb ik ook niks. Te veel prikkels ook; dat geschreeuw en die harde muziek. Ik word daar altijd een beetje naar van. Als mensen vragen of ik Surinaams ben reageer ik ook altijd een beetje verward. Met de Armeense heb ik ook weinig. Zo wist ik lange tijd niks van de genocide en sprak ik ooit wat Armenen maar ik voelde geen connectie. Zelfs met Kim Kardashian niet. Dus bedacht ik mij dat ik me gewoon niks voelde. Ook geen Nederlander, ondanks dat ik kwart Nederlands ben. Gewoon een wereldburger en waarom zou ik me ook moeten identificeren met een bevolkingsgroep? Of zoals één van mijn Joods Indische voorouders zei (volgens mijn stamboom site die een verre neef heeft gemaakt): “Ik ben uit de lucht gevallen”.

Totdat ik naar Israël ging. Zodra mijn voet de Israëlische bodem raakte voelde ik mij verbonden. Op een avond besprak ik mijn roots met een groep Joodse Amerikanen die mij ongelooflijk Joods vonden overkomen. Verwonderlijk vroeg ik waarom. “Je denkt veel. Je bent intelligent. De meeste Nobelprijzen zijn gewonnen door Joden. Albert Einstein, Karl Marx en Sigmund Freud waren Joods”, zei er één. Een beetje lacherig antwoordde ik dat ik een vrij hoog IQ heb, maar dat ik niet geloof dat IQ verbonden is aan een bevolkingsgroep. Toch liet ik het idee niet los. Niet zo zeer omdat ik denk dat Joden heel slim zijn, maar omdat ik nog steeds aan het zoeken ben van wie ik mijn hoogbegaafdheid te danken heb. Ik heb het geërfd van mijn moeder, omdat intelligentie door moeders wordt overgedragen. Daarnaast komen er in mijn moeders kant van de familie veel intelligente mensen voor en is mijn moeder ook aardig slim. Toch hebben mijn moeder en ik twijfels of haar moeder, mijn oma (met Indisch Armeense roots), hoogbegaafd/ erg slim was. Mijn Indische Joodse opa heb ik altijd uitgesloten in mijn onderzoek naar mijn hoogbegaafde roots. Ook omdat ik hem nooit heb gekend. Binnenkort ga ik eens speuren in zijn verleden en roots met de hoop wat te vinden. Want ik wil nog steeds weten waarom ik ben zoals ik ben. Wellicht vind ik het antwoord in mijn Joodse roots.

2 gedachtes over “Mijn roots

  1. Voor zover ik weet kunnen moeders de intelligentie overdragen aan hun zonen en dochters, en vaders alleen aan hun dochters. Dus kan ook bij je vader vandaan komen dan.
    Grappig ik heb ook joodse roots, heel ver weg.

    Liked by 1 persoon

    1. Oh ook van vaders kant? Ik dacht alleen van moeders. Ik heb het wel eens bij mijn vaderskant gezocht, maar daar komen vooraal IQ’s onder het gemiddelde voor. Er kwam zelfs een hele criminele tak naar voren haha. En nu ben ik helemaal getriggerd om mijn joodse roots te ontdekken 😉

      Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s