Niet hoogbegaafd #tbt

Niet hoogbegaafd #tbt

Het hoogbegaafdheidsonderzoek was niet echt wat ik ervan verwacht had. Of beter gezegd, wat ik gewend was. De psychologen vroegen weinig naar mijn achtergrond of gedragskenmerken. “Ik vind het wel erg bijzonder dat juist jij hier komt”, zegt er één. Maar ze bedoelde eigenlijk: “Dit is de eerste keer dat een bruin persoon vermoedens heeft dat ze hoogbegaafd is”. “Ja, ik heb een vriendin met net zo’n huidskleur als jij”, vervolgt ze, zij komt van de Molukken. Kom jij daar ook vandaan?” Ik antwoordde van niet. Ik had ook niet zoveel zin om over mijn etnische achtergrond te praten. Laten we het vooral bij de zaken houden die het er toe doen. Ik kreeg een bakje thee, want koffie hadden ze niet. Nou wel in de automaat op de gang, maar daar moest je voor betalen werd erbij gezegd. Dan maar thee. “Werd je ook gepest vroeger?”, werd er aan mij gevraagd. Ik antwoordde dat ik nogal vaak ben gepest, maar dat het niet iets is waar ik nog last van heb. Geschrokken keken de psychologen elkaar aan. “Ik vind het zo erg dat hoogbegaafden vaak gepest worden”, zegt er één overduidelijk geëmotioneerd. Ik wist niet of ik mijn ervaring moest toelichten of niet. Kennelijk niet want ze vervolgden dat ik een IQ-test moest doen voordat ze mij verder konden helpen: “Want ja wij zijn gespecialiseerd in hoogbegaafdheid en we helpen je alleen als je hoogbegaafd bent”.

Uit de uitslag kwam uiteindelijk naar voren dat ik niet hoogbegaafd ben en een IQ had die net iets boven het gemiddelde lag

Eerlijk gezegd vond ik mijn IQ vrij laag uitpakken. Want mocht ik toch niet hoogbegaafd zijn, dan had ik het met dit IQ toch wel opmerkelijk goed gedaan op school. En dat voor iemand die nooit wat deed. “Ja, je onthoudt wel gewoon veel. En dat zou wel de reden zijn dat je het geschopt hebt tot de universiteit”, zei de psycholoog. Ah. Dus als je heel dom bent dan kun je nog best veel onthouden. Nee, zo zwart- wit lag het niet, maar een echt antwoord kreeg ik er ook niet op. “Wat mij ook opvalt is dat je ervan houdt om over koetjes en kalfjes te praten”, ging ze verder. Ik stikte in mijn thee. Ik moest lachen. Ik stikte dubbel in mijn thee. De psycholoog bleef mij serieus aan kijken, dus ik besloot te stoppen met lachen. “Waar baseer je dat op?”, vroeg ik. “Nou voordat de test begon had je het nodig om even over het weer te praten. Hoogbegaafden houden juist niet van zulke gesprekjes, dus hieruit kan ik opmaken dat jij niet hoogbegaafd ben”, antwoordde ze. Ho. Hier had ik effe wat gemist. Zij begon een gesprekje over het weer en uit beleefdheid praatte ik mee. Had ik moeten zeggen: “Nee, maar hier heb ik geen zin in”, om dan als potentieel hoogbegaafde te boek te staan? Ik besloot er niet tegenin te gaan en de uitslag maar als ongeldig te verklaren. Maar dat zei ik haar niet. Ik besloot om maar zwijgend de uitslag verder aan te horen. Niet dat dat echt lukte. My facial expressions zijn nogal on fleek. Je kunt aan mijn gezicht precies zien wat ik denk.

“En dan heb je de spreekwoorden… Daar heb je zeer laag op gescoord. Maar dat is ook wel iets wat je van huis moet hebben meegekregen. En gezien jouw achtergrond…”, vervolgde ze. Ho! Heb ik nou hier te maken met een stukje discriminatie? “Maar hoe eerlijk is de test dan, als ik iets van huis had moeten meekrijgen en dit dus kennelijk niet is gebeurd?”, ik besloot toch maar wat te zeggen. “Hoogbegaafden mensen weten dit gewoon”, antwoordde ze. “Maar je kunt toch iets pas weten als je het een keer gezien of gehoord hebt?”, vroeg ik verbaasd. “Ja maar dat is met alles zo. Hoogbegaafde mensen hebben dit van nature niet. Zij weten gewoon iets al”, verzuchtte ze. Oké, apart. Toegegeven, ik wist dat ik zou falen op dit onderdeel. Ik wist echt niks man. De hele boerderij werd erbij gehaald en de spreekwoorden die ik wist (de appel valt niet ver van de boom), werden natuurlijk niet getest. Ik vroeg of allochtonen dan automatisch zouden falen op dit onderdeel. Ze gaf aan dat je ook slimme allochtonen had. Ik denk dat ze het vast niet zo bedoelde.

“Bij dat onderdeel waarbij we sociale situaties testten heb je ook laag gescoord. Ik denk niet echt dat je begrijpt wat sociale interacties inhouden. We denken toch dat je autisme hebt. Die mensen hebben ook moeite met sociale interacties, net zoals jij”, zegt ze. Ik zucht. Wordt weer de autismekaart opengetrokken. Ze zag aan mijn gezicht dat ik haar niet serieus nam. “Hoe ervaar je zelf sociale interacties?”, vraagt ze gauw. “Als irritant vaak. Ja, ik geef toe dat ik niet de meest sociaalste persoon van deze aardkloot ben. Maar ik vind het vaak niet leuk waar mensen over praten, maar ik ben niet sociaal geïsoleerd. Ik heb genoeg vrienden die dezelfde dingen leuk vinden als ik”, ik baal dat ik mezelf moet verdedigen. En ik baal hoe snel mensen afwijkend gedrag op autisme gooien. En begrijp me niet verkeerd, als ik mij volledig herkende in het autisme kenmerken lijstje, dan had ik dat gewoon omarmd. Ik was opzoek naar een verklaring voor mijn gedrag. Iets dat mijn gedrag volledig zou verklaren en dat deed autisme nou niet. “Euhm, dan is het toch geen autisme”, zegt ze snel. Oké dat gaat snel.

“Nou je bent dus absoluut niet hoogbegaafd en beeld je dat vooral maar niet in, concludeert ze, omdat je niet hoogbegaafd bent kunnen we je niet verder helpen. We denken wel dat je hoogsensitief bent en een beelddenker. Maar het is wel een raadsel hoe je met dit IQ de universiteit hebt gehaald. Dat bewijst toch maar weer dat je een enorm doorzettingsvermogen hebt en goede leerstrategieën hebt. Jij hebt vast ook zeer goed je best gedaan op school, want je hebt geleerd dat hard werken loont”. Ik luister het aan met een flauw lachje. Had ik maar leerstrategieën. Wist ik maar dat hard werken loont, want anders zat ik er niet. Ze vraagt waarom ik niet- begrijpend kijk. Ik antwoord dat ik me totaal niet herken in het rapport. Ze dringt aan dat dit een zeer betrouwbare test is. Nog betrouwbaarder dan die van Mensa. “Want dat jij slaagde voor hun thuistest is ook maar beginnersgeluk en ze laten zoveel mogelijk mensen slagen zodat ze het geld voor de testen kunnen innen”. Alsof zij dat niet deden. Ik betaalde voor die test ruim vijfhonderd euro. Ik kreeg een folder over hoogsensitiviteit en beelddenken in mijn handen gedrukt. “Ik weet dat je het niet mee eens ben, maar laat je toch even testen op autisme”, fluisterde ze erbij.

Eenmaal buiten wist ik het echt niet meer. Een onvolledige ADHD diagnose waar ze me niet mee kunnen helpen. Niet hoogbegaafd en ze kunnen me niet helpen.Volgens de ene psycholoog was ik zeer intelligent en volgens de ander is het voornamelijk geluk. Ik gooi de folders weg en besluit mijn zoektocht te staken en een zo’n normaal mogelijk leven te leiden. Ik verdring mijn ADHD diagnose en doe alsof ik absoluut niet hoogbegaafd ben.
Totdat ik drie jaar later compleet vermoeid en met een aankomende burn-out aanklop bij een hoogbegaafde coach. Hij kan hartelijk lachen om het verhaal en vindt het zo herkenbaar. Tegelijkertijd uitte hij zijn zorgen. Zorgen dat er nog zo weinig kennis binnen de psychologie is omtrent hoogbegaafdheid. Zorgen over de vele misdiagnoses die hoogbegaafden krijgen (zelf had hij het label autisme gekregen). Zorgen dat er nog zoveel misconcepties bestaan over hoogbegaafdheid. Want als professionals wisten wat het was, dit op tijd konden signaleren bij mij en mij op een goede manier konden ondersteunen…. Was ik dan niet zo levensmoe geweest?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s